Als arbeidsdeskundige bij Menea spreekt Erna Jongman dagelijks mensen die zijn uitgevallen door ziekte. Vanuit die ervaring besloot ze zich verder te verdiepen in duurzame inzetbaarheid. “Het gaat om het creëren van een cultuur waarin het welzijn van medewerkers vanzelfsprekend is.”
Het komt wel eens voor dat arbeidsdeskundige Erna Jongman tegenover een uitgevallen medewerker zit en denkt: wat jammer dat we niet in een eerder stadium aan tafel hebben gezeten. Dan had uitval wellicht voorkomen kunnen worden…
Om een antwoord op die vraag te krijgen, volgde ze onlangs een opleiding Register Risico Adviseur Duurzame Inzetbaarheid (RADI) aan de NiDi Businesschool. Tijdens een opleiding van negen maanden kreeg Erna tools aangereikt om aan de slag te gaan met duurzame inzetbaarheid binnen organisaties.
De businesscase voor duurzame inzetbaarheid
Veel organisaties zien een hoog ziekteverzuim en komen op dat moment in beweging. De aanpak vanuit duurzame inzetbaarheid is anders, legt Erna uit. “Al vanaf het moment dat de medewerker je organisatie binnenkomt, streef je ernaar dat hij of zij tot het pensioen fit en gezond, gelukkig en bekwaam kan blijven werken.”
Niet alleen de medewerker is daarbij gebaat, maar ook de werkgever. Een belangrijk onderdeel van de RADI-opleiding was dan ook het leren onderbouwen van deze businesscase. Erna: “Hoe vertel je aan een CEO dat investeren in duurzame inzetbaarheid geld gaat opleveren? Als medewerkers productiever zijn en beter hun werk kunnen doen, levert dat geld op. Denk aan minder verloop, lagere verzuimkosten en hogere productiviteit.”
Duurzame inzetbaarheid: een praktijkcase
Tot zover de theorie, maar hoe ziet het werk van een adviseur duurzame inzetbaarheid er in de praktijk uit? Tijdens haar afstudeeronderzoek bij een grote zorgorganisatie onderzocht Erna hoe medewerkers tot aan hun pensioen inzetbaar kunnen blijven.
Ze sprak met diverse medewerkers binnen de organisatie. Thema’s als werkdruk, leiderschap en generatieverschillen kwamen steeds terug. Erna adviseerde niet alleen concrete acties rondom duurzame inzetbaarheid, zoals het aanbieden van een leiderschapstraining of een andere manier nieuwe medewerkers in te werken. Ze onderbouwde dit ook met cijfers en liet zien dat de organisatie er onder aan de streep financieel op vooruit zou gaan.
Naar een menselijke organisatie
De conclusies uit het onderzoek waren helder: duurzame inzetbaarheid vraagt niet om losse initiatieven, maar om een bewuste, geïntegreerde aanpak. “Het gaat om het creëren van een cultuur waarin welzijn van medewerkers vanzelfsprekend is. Waar je niet wacht tot iemand uitvalt, maar voortdurend kijkt: wat heeft iemand nodig om goed te blijven functioneren?”
Steeds meer organisaties omarmen deze visie, constateert Erna enthousiast. Zo introduceerde AFAS een vierdaagse werkweek (met behoud van het oude salaris) en is de vijfde dag een ontwikkeldag. Een ander bedrijf biedt een ‘baaldag’ aan. En medewerkers van een derde organisatie krijgen een extra ‘liefdag’, om iets leuks te doen met hun partner.
Erna ziet een verband met een bredere beweging, die geluksdeskundige Erik Bemelmans ‘de menselijke revolutie’ noemt. “Steeds meer organisaties beseffen dat groei niet over cijfers gaat, maar over mensen. En dat is precies waar Menea voor staat. We helpen organisaties niet alleen om verzuim terug te dringen, maar juist om te bouwen aan een cultuur van vertrouwen, vitaliteit en werkplezier. Want uiteindelijk is voorkomen beter dan genezen.”
Wil je ook aan de slag met duurzame inzetbaarheid?
Of je nu begint met coaching in een klein team of een groter programma opzet: we denken graag mee over een aanpak die past bij jouw organisatie. Onze trainingen en sessies zijn praktisch, persoonlijk en altijd op maat.





